Kabouters
Speltak Kabouters
kaboutersVoor wie?
Voor meisjes van 7 tot 11 jaar.

Thema / werkwijze
Het fantasieland Bambilië is de basis van het spelthema van de Kabouters. Je vindt er dorpjes, steden, streken en rivieren. In twee boeken kun je over het land Bambilië lezen. In het themadeel van het Bamboek staan de belevenissen van tante Roos en de tweeling.

In verhaal- en dagboekvorm worden de avonturen van hun ontdekkingstocht door Bambilië beschreven. Ook in het boek Dorinka staan verhalen die zich afspelen in Bambilië. In het Bamboek staat hoe de tweeling op de zolder van hun tante Roos een oude koffer vindt. Het blijkt de koffer van opa te zijn. Ze vinden er een kaart van het geheimzinnige land Bambilië in. Op een fietstocht verdwalen de tweeling en tante Roos, totdat ze in de verte een slagboom zien. Er komt een grenswachter te voorschijn, die vertelt dat ze in de grensplaats Snorrega van Bambilië terecht zijn gekomen.

Op hun tocht door Bambilië komen de tweeling en hun tante Roos door vele dorpjes en streken. Elk dorpje heeft zijn eigen kenmerken. In Holdorp bijvoorbeeld wordt veel gesport, in Ressekerke is men zeer milieubewust, Wamshaven was eens een prachtige havenstad, in de Onbekende Heuvels gebeuren rare dingen en Knaagdorp blijkt een echte feeststad te zijn.

Het vaste spelthema Bambilië dient als basissfeer van je opkomsten. Het heeft vele voordelen om een vaste basissfeer in je programma's te verwerken. Dat wil niet zeggen dat je alle opkomsten in het Bambiliëthema zou moeten werken. Natuurlijk niet, maar er zijn wel een paar argumenten om juist dit thema als basis te nemen:
  • in de verhalen uit het Bamboek en Dorinka zit de gedachte 'groeien-door-van-alles-mee-te-maken' heel duidelijk verwerkt, die aansluit bij de doelstelling van scouting;
  • de verhalen spreken de kinderen aan en sluiten aan bij hun belevingswereld;
  • de structuur van de verhalen, de vele verschillende verhaalfiguren en de gebieden in Bambilië bieden zeer veel aanknopingspunten voor leuke en leerzame spelen en activiteiten.
Het spelthema zal de kabouters meer aanspreken als het lokaal in Bambiliaanse sfeer is ingericht. Bijvoorbeeld met afbeeldingen van de landkaart en de dorpjes op de wanden. De vaste momenten in de opkomsten, zoals de opening en sluiting, spelen zich altijd in Bambiliësfeer af. Maar ook in de spelen en activiteiten die je met de Kabouters doet komt het Bambiliëthema terug.

Bij het verwerken van het Bambiliëthema in je programma's zijn de bossen, steden, dorpen en wegen in het land Bambilië belangrijke aanknopingspunten. Bambilië is een land waar alles kan; elk (zelfverzonnen) avontuur dat je met de kabouters wil beleven kan zich erin afspelen. Het is een fantasieland dat nooit helemaal is ingevuld. Dit geeft leiding onbeperkte mogelijkheden tot invulling van programma's in dit spelthema. Elke bijzondere belangstelling of voorkeur van de kabouters kan in Bambilië worden ingepast.

Programmatijden
De kabouters hebben elke zaterdag opkomst van 9.30 uur tot 11.30 uur. Dit zijn de officiële opkomsttijden. Hebben we de gehele dag een opkomst of een weekendkampje, dan staan de afwijkende tijden vermeld op het programmaoverzicht op deze site.

Vaste evenementen
We hebben jaarlijks een aantal vaste programma's die je kunt verdelen in groeps,- regio- en speltakactiviteiten.

Groepsactiviteiten:
  • St. Jorisviering rond 23 april
  • Opening van het nieuwe seizoen & overvliegen (deze twee zijn gecombineerd)
  • Oliebollenactie
  • Pretmarkt op Koninginnedag

Regioactiviteiten (regio Overijsselse Vechtstreek):
  • Baden Powelldag (rond 22 februari)
  • Regiodag

Speltakactiviteiten:
  • Zomerkamp (áltijd de eerste week van de zomervakantie van de basisscholen binnen de regio)
  • Sinterklaas
  • Kerst
  • Nieuwjaarsmaaltijd

Kaboutergebruiken
Op tijd afmelden (bellen of mailen) als je niet kunt komen.

Opening
  • in een kring gaan staan
  • Bambiliëlied zingen
  • wegwijzer wordt in de kring gezet
  • opzeggen van de kabouterwet
  • hoofdkabouters melden afwezige kinderen af
  • logboek wordt voorgelezen.

Sluiting
  • in een kring gaan staan
  • wegwijzer wordt buiten de kring gezet
  • Bambiliëlied zingen
  • kabouteryell
  • eventuele mededelingen
  • naar huis

Scoutfit (voorheen: uniform)
De scoutfit (voorheen: uniform) bestaat uit een groene scoutingbloes, donkerblauwe (spijker)broek, een groepsdas met dasring en een scoutingcap. Op het uniform zitten bepaalde insignes die je tijdens de installatie opgespeld krijgt. De insignes zijn:
  • speltakteken (deze zit op de rechterborstzak)
  • Scouting Nederland-teken (deze zit op de linkerborstzak)
  • naambandje HKG (deze zit bovenaan de rechtermouw)
  • regioteken (deze zit onder het naambandje)
  • X-groepteken (deze zit onder het regioteken, dit betekent dat we een christelijke groep zijn)

De scoutfit en de insignes kun je aanschaffen in de Scoutshop. We hebben hier in Zwolle het geluk dat er zo'n Scoutshop aanwezig is. Aangezien elke speltak zo z'n eigen specifieke insignes heeft, hebben we voor het gemak een overzicht gemaakt welke insignes en scoutfitonderdelen je dient aan te schaffen voordat je geïnstalleerd gaat worden. Mocht je in de Scoutshop staan en toch het overzicht vergeten zijn: geen nood want Scoutshop Zwolle heeft het overzicht ook van ons gekregen.

Na de installatie wordt er vaak nog een spel gespeeld en worden de insignes weer afgespeld (anders gaat het zo prikken). We zien dan vaak ouders vertwijfeld kijken waar de insignes dan vastgenaaid moeten worden. Ook voor de ouders een overzicht met daarop een overzicht van welke insigne waar moet komen.

Ouderbezoek
Voordat het aspirant-lid geïnstalleerd wordt, gaat de leiding eerst bij haar ouders op bezoek. Dit wordt gedaan om kennis te maken met de ouders en er wordt uitgelegd wat we zoal doen bij de kabouters. Ook wordt er gepraat over het kind zelf, of er misschien bijzonderheden zijn waar de leiding rekening mee moet houden.